Trimschema: Jack Russel Terriër
Introductie

Jack Russel Terriër
De Jack Russell Terriër is een aan de Parson Russell Terriër verwant ras. De Jack Russell verschilt van de Parson Russell met name in lichaamsverhoudingen en maat, maar is net als de Parson een normaalbenige terriër. Groot-Brittannië is het land van herkomst, echter is de Jack Russel daar pas sinds 1 januari 2016 officieel erkend. Het land van ontwikkeling is Australië, waar de Jack Russell al tientallen jaren een erkende rashond is. Het ras komt in Nederland zeer veel voor.
Ze zijn sterk, actief, lenig en behendig. Het is een krachtige, maar kleine terriër. Hij is langer dan hoog, maar met rechte, normaal gevormde benen. De borstkas is met twee handen te omspannen. Het snelle gangwerk is recht en vast. Maakt de indruk van een werkende terriër.
De Parson Terrier is groter dan de Jack Russel Terrier, het andere ras wat uit de Working Fox Terrier is ontstaan. Hoewel het een oud ras is werd de Parson Russel Terrier pas in 1990 officieel erkend door de diverse Kennel Clubs.
Er zijn drie soorten beharing; gladharig, “broken” (een tussenvorm) en ruwharig. De vacht moet altijd hard en weerbestendig zijn. Kleur; overwegend wit, met eventueel zwarte en/of tan kleurige aftekeningen. Het tan (kastanjekleurig) kan licht tot zeer warm van kleur zijn.
De schofthoogte van de Jack Russel Terrier ligt tussen de 25 cm en 30 cm. Het gewicht varieert van 5 kg tot 6 kg. De schofthoogte van de Parson Russen teven ligt rond 33 cm en voor reuen 36 cm.
Inhoudsopgave
(klik op één van de onderwerpen om er direct naar toe te springen)
Algemeen
| Model | Showmodel / Huismodel |
|---|---|
| Trimperiode | 2-4 keer per jaar |
| Trimtijd | +/- 2 uur |
| Trimmateriaal | Slickerborstel, Nageltang, Talkpoeder, Vingerlingen |
Voor de behandeling
- eerst het haar goed los borstelen en kammen;
- alle klitten verwijderen met een slickerborstel, kam en evt. een ontklitspray.;
- nagels knippen om uitglijden in het bad te voorkomen;
- shampoo aanmaken met lauw water.
Trimmen
De Jack Russell is een razend populair hondje. Het was het eerste ras waaraan ik zelf mijn hart op jonge leeftijd aan verloor, en tot aan nu behoren ze nog tot ons gezin. Door de handzame maat, zijn pittige uitstraling en eigenwijze karakter heeft de Russell vele vrienden gemaakt. De Russell heeft een goede robuuste opvoeding nodig maar…. verder is het een heerlijk beestje!
Hoogbeen, kortbeen?
Bijna iedereen kent het verschil tussen een hoogbenige Parson en de kort op de benen gestelde Jack Russells. Met de erkening van de laatste is er nog een extra type toegevoegd; het Australische Russelltje zit er ongeveer tussenin. Het is wat steviger van lichaam en iets kleiner dan de Parson, en eigenlijk mogen we hem ook geen kortbeen noemen.
Glad, Broken of Ruwharig
Voor de gladharige Jack Russells wil ik jullie graag verwijzen naar het Trimschema van de gladharige hond, in dit trimschema behandelen we de Broken Coat en de Ruwharige Coat.
Broken coated Russell, plukvacht of een verhaarramp?
Een hondje met een broken vacht ziet eruit als een korthaar maar voelt aan als een ruwhaar. Vaak staan er wat plukjes haar op de kraag. Een miniscuul baardje en sprieterige wenkbrauwen en voeten complenteren het geheel. Deze Russells kun je plaatselijk gladplukken en verder net zo behandelen als de korthaar in de ruiperiode. Feit is dat een zeer harde beharing bijna altijd haar blijft verliezen. Een iets te stevige aaibeurt kan al tot een sneeuwbuitje leiden.
Deze kokosmatjes moeten dus zoveel mogelijk met rust gelaten worden en alleen met wassen behandeld worden. Het frequent plukken van de ruwharige delen zorgt voor een steeds snellere groei van de vacht. De eigenaar die klaagt dat het wel lijkt of zijn hondje steeds meer haar krijgt heeft dus gelijk.
De ruwharige versie.
Voor zowel de Parson als de Jack Russell geldt dat de vacht ruwharig moet zijn op het hele lichaam en dus ook op de benen en het hoofd. Er mag geen enkele gelijkenis met de Foxterrier zijn, niet in de bouw noch in de vachtsstructuur. De Russells moeten veel meer “oerkenmerken” vertonen dan de gestileerde Foxjes. Hoewel er met de Australische invloeden toch wel extremere types zullen ontstaan moeten we ervoor waken en supershowy terrier te kweken. Voor ons vakidioten betekend dit dat het trimmen van een Russell puur natuur geschiedt. Een snufje krijt , je blote vingers en deze kennis zijn eigenlijk alles wat je nodig hebt.
Hoewel….
Achter het attractieve ruigbehaarde kopje schuilt een flinke dosis terriertemperament. Wees dus niet verbaast als Dincky een duiveltje blijkt en geen gedoe aan zijn lijfje wil. De vacht is heel plezierig te plukken maar het hondje blijkt soms des te moeilijker te hanteren. Vergeet niet dat dit ras pas recent zijn plaatsje in de stal voor een pluchen mandje heeft verruild.
Ik raad in elk geval aan om de hond vast te zetten op de trimtafel. Je hebt beiden handen nodig om de vacht te plukken en niet om deze snelle jongens op de tafel te houden.
Strippen of kaal opleveren?
Er is onder de hondjes nog niet echt een eenheid in vachtstructuur, ze zijn er met vrij lang haar, hondjes met strake vachtjes maar ook mengvormen met volle kragen en gladde flanken zijn denkbaar. Net als bij veel andere trimklanten is het mogelijk om een stripvacht te kweken als de Russell die niet al heeft. De hond komt elke 3 maanden in de salon en ziet er altijd verzorgd uit. De eerlijkheid gebied mij te vermelden dat een gestripte vacht die van nature vrij hard is altijd wat haar kan blijven verliezen.
Vergelijk het met de broken vachten. Ook hiervoor geldt dat vakker plukken tot snellere teruggroei kan leiden. Mogelijk is zo’n Russell beter af met het ouderwets ‘”2 of 3 maal per jaar kort plukken”. Het wasschema voor de ruiende Russell die nog niet trimrijp is kan ook hier met succes worden toegepast.
Het model; kort, simpel en strak.
Pluk de vacht met de vingers eventueel vingerlingen en wat krijt. Begin bij de occiput naar de nek. Dan de rug, de schouders, de flanken en de billen. Trim vanaf de mondhoeken de keel, hals en de borst. Onder de borst halen we alles wat los zit weg. In geen geval mag een borst- of buikrandje blijven staan. Het achterbeen wordt eveneens aan alle zijden glad geplukt. Noch op de knie noch op de sprong blijft haar gespaard.
Probeer het voetje, desnoods met veel krijt en kleine plukjes , geheel te plukken. De onderkant wordt uiteraard geknipt met de schaar. Ook bij een zachter behaard dier moet het been voorzichtig glad geplukt worden.
Voorkom het gebruik van een ( effileer) schaar!
De voorbenen moeten eveneens worden kort geplukt; er blijven geen randjes achter de elleboog staan. Pluk de voeten mooi kort in het kattenvoet model. De nagels mogen zichtbaar zijn. Het buikje en de liezen kunnen desgewenst geknipt of geschoren worden.
De kop en de staart.
De oren worden geheel glad getrimd. De schedel en wangen plukken we zo kort mogelijk. Boven de ogen blijven minescule borsteltjes staan als wenkbrauw; tussen de ogen halen we het haar weg. Van de snor gaan de langste haren af; nooit mag er enige gelijkenis met de Foxterrier of Schnauzer zijn.
Tips & Aandachtspunten
Smeer het garnituur ( de baard en snor) in met krijtpoeder en pluk steeds met de haargroeirichting mee de langste pieken voorzichtig uit. Laat het haar onder de ogen overlopen in de glad geplukte wangen. Een minescuul baardje mag blijven staan. Anderhalf tot twee centimeter lengte is een goede maatstaf.
De staart wordt niet meer gecoupeerd. De staartpunt is vaak dun en flexibel. Pluk deze zover mogelijk aan alle zijden maar wees erg voorzichtig, neem kleine plukjes tegelijk. De veer onderaan de staart laat zich aan het uiteinde moeilijk uitplukken. Hiervoor en voor het uiterste puntje mag de schaar gebruikt worden. De anus knip je rondom vrij.
De Russell die gekleurde platen heeft is mogelijk wat stoffig geworden van het gebruikte krijt. De blower en een vleugje olie maken de vlekken weer diep van kleur.






